Evy Danckers
Biografie
Met het juiste boek is iedereen een lezer is het motto van taalleerkracht Evy Danckers. Haar boeken zijn niet dik, lezen makkelijk en hebben mooie illustraties. Ze passen bij de leefwereld van hedendaagse jongeren en kinderen: in your face, met veel actie en weinig blabla. Evy doorbreekt graag taboes, neemt onze maatschappij kritisch onder de loep en is fan van diversiteit.
Evy maakt graag grappen en is nooit verlegen. Onrechtvaardigheid en pesten vindt ze even vies als rode kool en bietjes. Het liefst draagt ze jurkjes en ook hakschoenen, maar daarop kan ze niet lopen, dus kiest ze meestal voor slippers.
In 2023 verhuisde ze van de Vlaamse Kempen naar het Amerikaanse Georgia. Ze weet niet zeker of ze vluchtte van een midlifecrisis of op zoek was naar avontuur, maar ze is blij dat ze eindelijk fulltime kan schrijven. Verhalen vindt ze overal, vooral in haar eigen hoofd.
FB, Insta, TikTok: @auteur.evydanckers
Meer over Mimir en Evy
Interview
Wil je meer weten over deze maker? Lees hier het interview!
Heel lang geleden in een land hier ver vandaan… Vrij vertaald: op 4 april 1977 in Turnhout, België.
Dat vind ik moeilijk. Ik was zo’n kind dat (te) veel nadacht over alles. Daarvan werd ik soms best wat ongelukkig… Maar er waren natuurlijk ook leuke momenten. Winkeltje spelen met het buurmeisje, legokastelen bouwen en tot ’s middags in bed blijven om te lezen. Ook de campingvakanties met ons gezin vond ik erg fijn.
Lezen! Ik was boekverslaafd en ging heel graag naar de bieb. Als ik een goed verhaal vond, las ik alles van die auteur. Of ik zocht naar de achtjes van Lemniscaat (echt waar!).
Vliegen! Niet zoals een kolibrie, want dat lijkt me heel vermoeiend. Ik zou graag een roofvogel zijn. Mijn vleugels spreiden en zweven op de thermiek. Heerlijk! Wist je trouwens dat de plas van muizen een fluorkleur heeft voor roofvogels?
Mijn baan opzeggen en verhuizen naar de andere kant van de wereld. Ik kende er niemand, behalve mijn echtgenoot. Het werd een ongelooflijk avontuur!
Ontbijten voor de tv met granola, yoghurt, banaan en blauwe bessen. Daarna lekker schrijven tot ’s middags. Dan boterhammetjes met kaas eten en in mijn eentje gaan wandelen in de natuur. Mijn voeten stappen, mijn ogen kijken en mijn hoofd puzzelt aan het verhaal dat ik schrijf. Onderweg kom ik schildpadden, reeën, een slang en veel vogels tegen. Vervolgens ga ik weer schrijven en ’s avonds lekker uit eten met mijn echtgenoot en vrienden.
Ik ben niet graag lang onderweg, dus blijf ik het liefst dicht bij huis. Als ik in Europa woon, ga ik graag met mijn honden op wandelvakantie in een groot natuurdomein. Nu ik in de Verenigde Staten woon (en geen honden heb) bezoek ik zo veel mogelijk nationale parken. Wandelen in de natuur raak ik nooit beu!
Dat is een onmogelijke vraag. Er zijn zoveel mooie boeken. Ik zal er drie kiezen: Matilda van Roald Dahl, Kruistocht in spijkerbroek van Thea Beckman en Briefgeheim van Jan Terlouw.
Ik huil nooit bij boeken en lach zelden luidop als ik lees. Als ik zelf schrijf, gebeurt het soms. Tijdens het schrijven van De regenboog van Mimir giechelde ik vaak. Bij Lettersoep & superstoelen moest ik twee keer een traantje wegpinken, hoewel het ook grappig is.
Tinkelbel van Peter Pan! Ze is jaloers, heel eigenzinnig en maakt soms domme beslissingen. Peter Pan was de eerste jongen waarop ik verliefd werd. Toch wilde ik niet Wendy zijn, maar Tinkelbel. Wendy vond ik te braaf.
De heksenkind trilogie van Monica Furlong. De personages, het verhaal, de schrijfstijl, alles klopt. Ik begon te lezen en werd onmiddellijk opgeslorpt door het boek. Toen het uit was, had ik meteen heimwee naar die wereld en verlangde ik naar meer. Zo onderscheid ik een goed boek van een fantastisch boek.
‘Met het juiste boek is iedereen een lezer’ is mijn motto als schrijver. Er is geen enkel boek dat iedereen leuk vindt en dat is maar goed ook. Daarom moet ik weten over welke beste vriend het gaat, want ik heb er een paar.
Ik weet dat veel van mijn vriendinnen Gozert van Pieter Koolwijk nog niet kennen, dus dat zou ik zeker aanraden.
Als kind droomde ik er al van om boeken te schrijven, maar ik dacht toen dat het me nooit zou lukken. Stom van me. Als je een droom hebt, moet je ervoor gaan, hard werken en niet opgeven.
Mijn eerste manuscript heb ik naar alle Belgische en Nederlandse uitgeverijen gestuurd. Ik kreeg niets terug of een brief dat het niet goed genoeg was. Daarna heb ik een aantal jaar niet meer geschreven. Toen ik leerkracht werd, schreef ik toch opnieuw een boek. Een heel ander genre deze keer. Ik stuurde het opnieuw op, werd veel geweigerd en bleef toch proberen. Twee jaar later vond ik een kleine uitgeverij die mijn boek een kans wilde geven.
Inspiratie vind ik overal. Ik leg ook vaak verbanden tussen dingen die ik meemaak, zie, hoor of toevallig lees in de krant of zo. Twee van mijn boeken spelen zich af op de school waar ik toen werkte. Een ander boek is gebaseerd op een droom en eentje op het leven van mijn pleegzoon. Als ik even geen inspiratie heb, vraag ik aan mijn omgeving of mijn uitgever een thema of een doelgroep. Eén woord is dan vaak genoeg om mijn hoofd op gang te brengen. Ik heb steeds meer ideeën dan tijd om al die verhalen op te schrijven.
Tijdens het schrijven moet ik ook veel dingen opzoeken en dan stoot ik ook vaak op ideeën of verbanden.
Mijn papa was en blijft mijn held. Hij schreef geen boeken, maar kon wel heel goed verhalen vertellen. Daarnaast zijn er veel mensen naar wie ik opkijk. Maya Angelou is de meest recente persoon die ik ‘ontdekte’ en wiens wijze woorden me van mijn sokken bliezen.
Ik zet altijd muziek op tijdens het schrijven, maar er mag niet in gezongen worden, want dat leidt me af. Jarenlang luisterde ik enkel naar Yann Tiersen en Ludovico Einaudi. De laatste tijd heb ik daar klassieke muziek en opera aan toegevoegd.
Daarnaast schrijf ik het liefst aan mijn bureau en start ik niet aan een verhaal zonder een met de hand geschreven tijdslijn van het verhaal waaraan ik werk.
Ik heb nooit genoeg tijd om alles te schrijven wat rondspookt in mijn hoofd, dus writer’s block ken ik niet. Als er een woord is voor het tegenovergestelde, dan heb ik daar soms last van. Te veel ideeën die tegen mijn schedel drukken en roepen dat ze eruit willen.
Een horrorverhaal over gemuteerde mensratten of rattenmensen. Mijn echtgenoot huivert nog steeds als hij eraan denkt en hij kan best tegen een stootje.
Alweer een moeilijke vraag. Als ik één moment moet kiezen: het telefoontje van de uitgever die mijn eerste boek wilde uitgeven. Maar een mail binnenkrijgen dat je geselecteerd bent voor een prijs, of beter nog: dat je een prijs gewonnen hebt, is ook heel fijn. En dan zijn er nog alle auteurslezingen, ook heel leuk om te doen! Kortom: mijn leven voelt soms als een feestje, hoewel boeken schrijven ook best hard werken is.
Stiekem droom ik ervan om een groots verhaal van een nog grotere auteur te hertalen. Daarmee bedoel ik dat verhalen soms zo oud zijn dat het taalgebruik niet meer kan of dat het niet meer politiek correct is. Ik vind het jammer dat zulke boeken verloren gaan. Als een nieuwe generatie kinderen een klassieker weer gaat lezen omdat ik het in een nieuw jasje heb gestopt, lijkt me dat geweldig.
Dat mijn boeken nu worden uitgegeven bij Lemniscaat. Dat klinkt misschien vreemd, maar dat vond ik als kind zelf de beste uitgeverij met de mooiste boeken. En nu staat mijn werk naast Thea Beckman en Jan Terlouw. Zottekes!
Geloof in jezelf, want jij bent fantastisch.
Bekijk alle makers
Benieuwd naar de auteurs, illustratoren en vertalers die verbonden zijn aan Uitgeverij Lemniscaat? Wij stellen ze graag aan je voor!