Liz Huisman
Biografie
Liz Huisman (1996) is schrijver en journalist. Ze woont in de Wieringermeerpolder met haar verloofde, hond en volkstuin. Het liefst is ze buiten of werkt ze aan nieuwe verhalen.
Als peuter lag ze al regelmatig op de bank met een boek of krant in haar handen. Dat ze nog niet kon lezen deed er niet zoveel toe. Toen ze dat wél kon, verslond ze alles wat ze tegenkwam. Van het etiket op het pak vanillevla tot de tijdschriften in de wasserette.
Haar liefde voor lezen groeide uit tot een grote liefde voor schrijven. Ze studeerde Communicatie- en Informatiewetenschappen met de richting Toegepaste Taalwetenschappen aan de Vrije Universiteit, en rondde een master Schrijven af.
Haar debuut Durf ligt vanaf november in de winkels. Liz werkt aan haar tweede jeugdboek.
Interview
Wil je meer weten over deze maker? Lees hier het interview!
Op 26 maart 1996 in Grootebroek. Ik was één jaar toen we verhuisden naar Wognum. Daar heb ik gewoond tot ik uit huis ging.
Jeetje, daar heb ik er veel van! Mijn broer en ik schelen anderhalf jaar in leeftijd en speelden heel veel samen. Vooral buiten, met de buurkinderen uit de straat. We plukten bijvoorbeeld stiekem tulpen van het land van de boer, die we verkochten aan de deur (don’t try this at home!). Of we speelden in onze hut, kampeerden in de tuin en deden eindeloos veel keren ‘stand-in-de-mand’, ‘blikkie-trap’ en spelletjes op de trampoline van ons buurmeisje.
Dan zou ik gedachten willen kunnen lezen. Soms zeggen mensen iets, maar denken ze iets anders. Dat vind ik ingewikkeld. Daarom zou ik weleens in hun hoofden willen kijken.
Rotsklimmen in Kroatië. En van een zeven meter hoge rots in het water springen (dat is even hoog als een huis met twee verdiepingen!). En dan te bedenken dat ik hoogtevrees heb.
Mijn ideale dag is als ik geen afspraken en geen planning heb. Dat ik wakker word zonder wekker en me dan kan afvragen: waar heb ik zin in vandaag? Misschien wil ik de hele dag in de moestuin werken, de hele dag schrijven, of lekker de stad in en een kopje koffie drinken in een koffietentje met een goed boek.
Oostenrijk! Daar ga ik elk jaar wel een keer naartoe. Altijd naar dezelfde plek: Maurach. Dat ligt aan de Achensee. Als ik daar kom, voelt het altijd net alsof ik een ansichtkaart binnenstap.
Ik weet niet wat het eerste boek is waar ik om moest huilen, maar ik weet nog wel wat het laatste boek was: Olifantenmeisje van Ellen Marie Wiseman.
Ik vind het oudere, gemene echtpaar in het boek De Griezels van Roald Dahl erg leuk (en slecht).
Ik vind Het kleine heelal van Annejan Mieras érg mooi. Dat had ik zelf wel willen schrijven.
Moeilijk! Er zijn zoveel mooie boeken gemaakt. Ik denk dat ik lekker naar een grote boekhandel zou gaan en daar uren zou ronddwalen om het perfecte boek uit te zoeken.
Eigenlijk wist ik dat stiekem altijd al. En ik wist het helemaal zeker toen ik begon met werken als freelance tekstschrijver. Toen heb ik tien jaar lang heel veel zakelijke teksten geschreven voor wel meer dan honderd bedrijven. En vanaf het allereerste moment wist ik dat ik ook verhalen wilde schrijven, en het liefst voor kinderen.
Ik heb heel veel geoefend. En begin 2023 deed ik een cursus jeugdliteratuur aan de Schrijversvakschool in Amsterdam. Daarna begon ik met een verhaal over Kek en Harper, en dat werd een echt boek: Durf.
Van álles! Ik krijg veel ideeën van mijn eigen jeugdherinneringen, maar ook van het Jeugdjournaal, films en documentaires. Aan de binnenkant van mijn kastdeur hangt een groot vel papier. Daar schrijf ik álles op wat ik interessant vind. Een mooie kleur, een gek woord, namen, gedichten… En soms vallen de puzzelstukjes ineens in elkaar. Dit, dat, en dát: dat is gewoon een nieuw verhaal.
Ik vind dat Anna Woltz heel mooie boeken schrijft. En ik haal veel inspiratie uit de boeken van Natalie Goldberg. Mijn lievelingscitaat over schrijven uit haar boek Schrijven vanuit je hart is: Ons leven is gewoon en magisch tegelijkertijd. Elk detail verdient het om opgeschreven te worden.
Nee, maar áls ik de inspiratie voel (dan gaan mijn vingers tintelen) dan móét ik gaan schrijven. En dan kan ik vaak ook niet meer stoppen.
Ja, heel vaak. Dan laat ik het verhaal waar ik aan werk even rusten en ga ik iets heel anders doen (bijvoorbeeld wielrennen, met de hond wandelen of in de moestuin werken). En na een tijdje voel ik dan weer inspiratie om te schrijven.
Hm... Dat weet ik eigenlijk niet. Maar toen ik acht was, schreef ik mijn eerste verhaal met de typemachine van mijn moeder. Het heette Lotje gaat verhuizen en ik had het zelfs gevouwen tot een echt boekje, met een scheef zonnetje op de voorkant geplakt.
Toen Jesse Goossens mij op een maandagochtend belde om te vertellen dat Lemniscaat Durf wilde uitgeven. Ik was zó blij, dat ik eerst door het huis heb gedanst en gesprongen, en het daarna tegen íédereen die het maar wilde horen heb verteld.
Het lijkt me tof om een keer fantasy te schrijven, juist omdat ik dat nog nooit heb gedaan.
Ik was het meest trots toen mijn állereerste boek in de winkels lag. Het voelt heel gek als je ineens een boek dat je zelf hebt geschreven echt kunt vasthouden.
Blijf altijd de dingen doen waar je blij van wordt. En laat de rest maar lullen. ;)
Bekijk alle makers
Benieuwd naar de auteurs, illustratoren en vertalers die verbonden zijn aan Uitgeverij Lemniscaat? Wij stellen ze graag aan je voor!